Aanmelden | Contact
Zoeken

Dordrecht: akten stads krankzinnig- en beterhuis ('het Blauwhuis') 1761-1786


Bron: Regionaal Archief Dordrecht
Toegang: 22 Geneeskundig gesticht voor krankzinnigen, voorheen het Stads krankzinnig- en beterhuis geheten
Inventarisnummer: 483 1761-1786 (Akten waarbij door de daartoe bevoegde autoriteiten machtiging wordt verleend tot het opsluiten, het verlengen van de opsluiting of het ontslaan van patiënten)

(titel stapel 1) 1e Pacquet - Appoinctementen en Resolutien van Confinement van binnen de Stad lopende van 1763 tot 1794 incl. voor het Krankzinnig en beterhuis.


29-09-1779 Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht


(Tromer) Wij Schout en Scheepenen der Stadt Heusden gezien en geëxamineert hebbende de Requeste aan ons gepresenteert door ende van weegens den Heer Joan Anthonij van Bronkhorst, Lt. Collonel van de Infanterij en Groot Major deezer Stadt, Jan Leonard van Bronkhorst, Lieutenant, Jacobus Engelbert van Bronkhorst meede Lieutenant, beide ten dienste deezer Lande; Samuel Jean Renaud, Predikant in de Walsche Gemeinte Leeuwaarden, als in Huwelijk hebbende Barnhardina van Bronkhorst, Christoffel Rietvelt als in Huwelijk hebbende Henrietta van Bronkhorst, en dezelve Barnhardina en Henrietta van Bronkhorst door haare voorn: mans daar toe geaucthoriseert en gequalificeert, mitsgaders Paulus Cornelis Hoijnck van Papendrecht, auditeur Millitair van het quarnisoen dezer Stadt, en Philippus Bartholomeus Clavel, voogden Anthonij Wijnand van Bronkhorst, vaandrig onder 't Regiment van Nassau Weijtburg, en Anna Odilia van Bronkhorst, waar bij zij Supplianten te kennen geeven.
Dat zij Supplianten tot haare over groote droefheid en ziels smerten hebben moeten ondervinden dat hunnen Zoon en broeder Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht, zeedert Eenige jaren herwaards zich in het onmatig gebruijk van wijnen heeft te buiten gegaan, en daar omme niet jegenstaande alle billijke vermaaningen, blijfft volharden, Zodanig dat hij onlangs op den Aalburgschen dijk, dronken ter aarde heft geleegen dat hij bovendien alle zijne goederen, gelden en Effecten door deeze ongehoorde Levens wijze binnen de Stadt Amsterdam en elders heeft verteert, en boven dien notable schulden heeft gemaakt, zodanig dat de vervolging zijner Crediteuren hem hebben genoodsaakt, de vlugt uit de Stadt Amsterdam te neemen, en dat hij weder op het poinct heeft gestaan om de Vlugt na Engeland te neemen, ingevalle hij Een Pasxedulle van den Engelsche ambassadeur den heere Jorck hadde kunne bekoomen.
Dat gemelde hunne Zoon en Broeder zeedert het begin van de maand Augustus zijn verblijff heeft gehouden in den omtrek en Jurisdictie deeser Stadt.
En dat de Supplianten met Reede bedugt waren dat meergemelde Hunne Zoon en Broeder, welke thans in Eene Totaale armoede is vervallen, zich schuldig zoude kunne maaken, aan het een en andere dat nadeelig zoude zijn voor zich zelve, en schandaleus voor zijn famillie;
Weshalven de Supplianten als vader, broeders en Zusters zich keerden tot ons, ootmoedig verzoekende Speciaale aucthorisatie, om den voorn. Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht, te brengen op Een verzeekerde plaats binnen de Stadt Dordrecht, en aldaar in verzeekering te blijven tot hij van zijn wangedrag zal zijn gecorrigeert, en zij Supplianten gezamentlijk weederom zullen goedvinden hem in Vrijheid te Stellen en voorts met aucthorisatie op den Heer Substitut Drosjard, om meergen: Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht na de verzeekerde plaats te Transporteeren.
Soo ist dat wij gelet hebbende op het voorn: te kennen geeven, van de Supplianten, en op het verzoek daar bij gedaan, en als van de warheid en noodzaakelijkheid bewust zijnde 't geene ons nog nader uijt een eijgehandige brieff van denzelve Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht geschreven te Heemert de dato 17e Augustus aan desselfs Vader den Eerste Suppliant geaddresseert en aan de Requeste geannexeert dat alle derzelver goederen zijn verteert Consteert; na Deliberatie geresolveert hebben, de Supplianten de zelven te Aucthoriseeren, zulks wij dien bij dezen, omme derzelver zoon en broeder meergem: Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht, te brengen op Een verzeekerde plaats binnen de Stadt Dordrecht, en denzelve aldaar in verzekering te houden, tot dat hij van zijnwangedrag zal zijn gecorrigert, en de gezamentlijke Supplianten zullen goedvinden hem weederom in vrijheid te stellen, Wijders aucthoriseeren wij meede bij deesen den Heere Substitut Drosjard Gerlach, om de Supplianten hier toe zijne adsistentie te verleenen, en den voorn: Godefridus Benjamin van Bronkhorst van Utrecht na Dordrecht in het Blauw Huijs gehouden wordende, door E:L: van der Horst in verzeekering te Transporteeren.
Actum Heusden ter vergadering heeden dezen 29e September 1779.
Ter ordonnantie van dezelve F: Tromer.

Laatst gewijzigd: januari-februari-maart 2015 / december 2016.