Aanmelden | Contact
Zoeken

Dordrecht: afschriften brieven van kunstschilder Reinier Willem Kennedy (1881-1960) 1928


Bron: Regionaal Archief Dordrecht
Toegang: 195
Inventarisnummer: 27 (afschriften brieven 1928)

(transcriptie: E. van Dooremalen)

NB.
- 13 april 1928 werd R.W. Kennedy (Kennedie) ontboden op het hoofdbureau van politie te Dordrecht en vervolgens naar Vrederust gebracht;

- In de herinneringen van G.M. Brugman staat:
'... Had Kennedy hier in de stad nog 'n schildersatelier van zichzelf? natuurlijk daar kan je niet buiten. Hij kwam in 't bezit van het pand Reeweg 95. Daar liet ie een dakkapel opzetten om beter daglicht te krijgen. In de tuin er achter kweekte hij bloemen en sierkalebassen, van die grote pompoenen, in allerlei vormen en kleuren. Oh ja, nou U t zegt ... 'k heb wel 'ns een paar gouches van hem op een tentoonstelling gezien!
Aan een enkele leerling gaf ie ook nog schilderlessen. Echter hij kreeg al gauw last met zijn buren.
De oorzaak was wel te reden. Re(i)nier, 'n eenzaam, somber en ietwat asociaal mens was iemand die zich afsloot van de buitenwereld. De egel, die hij al lang voor zijn ziekte was, die mensen en maatschappij haatte, de minnaar van stilte en eenzaamheid, wilde in zijn werk niet gestoord worden.
Katten en katers van de buren stoeiden daar door zijn planten en siervruchten wat natuurlijk onenigheid en ruzies veroorzaakten. Daardoor maakte ie zich met z'n ongemotiveerde woedeuitvallen in zijn omgeving gehaat.
Ik geloof, dat verschillende familieleden van de Kennedy's een zwak zenuwgestel hadden. Re(i)nier had wel contact met andere Dordtse kunstenaars en ook met sommige in andere steden bijv. zoals Pulchri Studio enz. Maar ie was moeilijk aan het praten te krijgen, behalve als 't over z'n Brusselse tijd ging.
Wanneer is Kennedy naar Bergen op Zom gegaan? Nou gegaan is niet 't juiste woord.
Er moet zich in 1928 hier in het postkantoor het éen en ander hebben afgespeeld, waardoor Re(i)nier op het politiebureau verzeild raakte en van daar is ie naar Bergen op Zoom gebracht! Ik wil die muurschilderingen nog wel eens goed op m'n gemak bekijken. Als je in het stadhuis moet zijn voor opnamen of iets dergelijks heb je er meestal heen tijd voor, zeg ik. Als even later meoder de kamer binnenkomst is het gesprek over Re(i)nier Kennedy afgelopen ...'


[1928] 03-10-1928 aan Poll


BRIEF 03-10-1928

Bergen op Zoom 3 Oct. 1928
Vrede-Rust

Beste vriend Poll,

Je brief van 1 October kwam
heden in mijn bezit, en daar ik me verwonder
over de opgewonde wijze waarop je me ant-
woordt, haast ik me je van een overhaast
oordeel te genezen. Ik twijfel niet aan
je goede bedoeling, en ik ben er ook van
overtuigd, dat er vrienden van mij geweest
zijn, die zich hebben laten verleiden, door
anderen of zich zelven hebben misleid.
De wijze waarop ik op het politiebureau te
Dordrecht ben overvallen door de Commissaris
de heer Heuf + zijn adjunct de heer Zwama,
met medweerking van twee politieagenten of rechercheurs plus een verpleegster der genees-
kundige dienst mejuff. Burger, doet niet
denken, aan de bekwame en vriendschappe-
lijke medewerking van H. Doctoren.
Ik had niet de minste behoefte aan rust, en

het beste bewijs er voor kan gelden, dat
ik 25 studies in olieverf heb gemaakt,
plus 3 schetsboeken gevuld heb met studies
op elk gebied (elk schetsboek bevat 80 bladen,
die heusch niet oppervlakkig zijn volgekrabbeld.
Ook geven zij niet de minste indruk het werk te
zijn van een zenuwpatient, is la Vincent van Goch [Gogh])
Waanneer je me spreekt van eenige maanden, dan
zijn 6 1/2 maand toch wel wat overdreven
neen vrind, Op kosten van de gemeente verlang
ik heusch mijn tijd niet door te brengen, en het
vacantie nemen, is voor iemand als ik, die van
af zijn jeugd, altijd hard heeft moeten
werken geen goede geneeswijze.
Wanneer hier zelfs door vrienden een schrome
lijke vergissing is gemaakt, moet dat erkend
worden. Dacht je nu beste kerel, dat
ik me als eene kleine jongen laat behan-
delen. Daar geef ik niemand toestemming voor
nog dokter, nog advocaat; nog rechters
nog politie-commissaris. Het doe van
een z.g. zenuwarts moet niet zijnl zijne z.g.
patienten te laten ronddolen, met de stille

hoop, dat ze beter worden. Wie hier beter
wordt, moet daar 't meest zelf an bij
dragen. Wanneer ik niet van begin af aan
geeischt had, dat mijn schetsboek me ter
hand gesteld werd, was ik hier in vertwij-
feling verval(l)en, zooals er hier reden zijn, die
alleen nog werken wanneer ze door anderen
aangesproord worden. Werk wat in in Dordt
onderhanden had is niet doorgegaan, dus waarschijnlijk
verloren. Ook mijn afwezigheid op tentoonstellingen
heeft me financieel schade berokkend.
Je moet me niet met R. [Rinus/Marinus] REUS vergelijken, die alles maar
leit waaien, en zelf geen man was om zijn zaken te beharti-
gen. Wat me ten zeerste verwonder, is dat TEEUW
nog Kees Dijkwel, aan wien ik de groeten deor mijn
broer heb laten overbrengen, en die mij heeft geschreven,
Teeuw gesproken te hebben, mij geen woord heeft
toegezonden, vroeger ontbrak 't hem niet aan schrijflust
Doe me 't genoegen dit misterie eens te helpen
ontsluieren. Roovers, die ook op de hoogte
moet zijn, heeft eveneens niets van zich laten hooren
terwijl de afstand van Breda naar Bergen op Zoom (op)
niet te groot is, om op een woensdag of zatermiddag

me eens op te zoeken. Wat beteekend, deze gezochte
verwijdering? Door wie worden al die H.B.S. en
Kunstkring - Leeraarsvrienden beinvloed?
Om mij in vergetelheid te laten verkwijnen
moet je me maar eens spoedig schrijven
dan los ik het raadsel wel op.
Toon je dokter dat je niet ziek bent - schrijf je me!
dat toonde ik van begin af, door onmiddelijk de officier van
Justice in Breda in kennis te stellen, en toen daar na drie
weken, wachten geen antwoord op kwam, Mr. Salomonson
te verzoeken zich met mijne verdediging te belasten, en mij on-
middelijk uit dit millieu van maatschappelijk veron-
gelukte (een 40 tal) te verlossen. Ook door mijn geregeld
werken, mijn omgang met de verplegers, of wel gevangen-
bewaarders, waarvan het meerendeel hier te leerschool
doorloopen om politieagent te worden.
Dat toonde ik maandagmorgen nog toen ik op
verlangen van mijn broer en mr. Salomonson gedurende
een half uur een gesprek heb gehad met de
geneesheer directeur dr. [Willem Klaas 1888-] Dikland.
Dee weigert mij de reden te zeggen waarom ik
hier blijf opgesloten, en wil evenmin mij laten
weten, wanneer de termijn is afgeloopen.

Laatst gewijzigd: december 2019.